Loopbaanoriëntatie en loopbaanbegeleiding (LOB)

 Kik_logoAls je een jongetje van vijf jaar vraagt wat hij later wil worden, dan heb je grote kans dat hij antwoordt: ‘Later word ik brandweerman’. Maar wat is hiervoor zijn motivatie? Ook is het de vraag of deze jongen over de juiste kwaliteiten en eigenschappen beschikt om brandweerman te worden. Kortom, heeft deze brandweerman in spe wel een goed beeld van zichzelf en een realistisch toekomstbeeld?

Van een jongen van vijf jaar oud kun je natuurlijk niet verwachten dat hij al antwoord kan geven op de volgende drie vragen: Wie ben ik? Wat kan ik? Wat wil ik? Je zou deze vragen ook wel levensvragen kunnen noemen. Geen eenvoudige vragen overigens.

Leerlingen in het vmbo moeten al vroeg in hun leven belangrijke keuzes maken als het gaat om hun loopbaan. Om hen hier goed bij te kunnen begeleiden is het (vak) LOB ontwikkeld. LOB staat voor Loopbaan Oriëntatie en Begeleiding en is onderdeel van ons onderwijsprogramma; deels als vak op het rooster en daarnaast als rode draad binnen het gehele programma.

Bij LOB staan de vijf zogeheten ‘Loopbaancompetenties’, die ontwikkeld zijn door prof. dr. Marinka Kuipers[1], centraal. Deze vijf competenties zijn:

  1. Kwaliteitenreflectie – waar ben ik goed en minder goed in? Wie ben ik en wat kan ik?
  2. Motievenreflectie – vraagt van de leerlingen om over zichzelf na te denken: wat wil ik en wat drijft mij?
  3. Werkexploratie – welk soort werk past bij mij?
  4. Loopbaansturing – wat wil ik later eigenlijk worden?
  5. [2] – wie kan mij helpen bij het zoeken naar antwoorden op de hierboven gestelde vragen? En hoe creëer je een netwerk van mensen die je kunnen helpen bij je (studie)loopbaan?

Marianum wil haar vmbo-leerlingen helpen en begeleiden bij het maken van de juiste keuzes in hun (studie)loopbaan. Hiervoor heeft de school voor de onderbouw een geheel eigen en unieke lesmethode geschreven.

In de onderbouw krijgen de leerlingen per week vier lesuren LOB. Hier ligt de nadruk vooral op ‘contextgericht onderwijs’, waarbij ontdekken, ervaren en leren door ‘doen’ belangrijke speerpunten zijn. Zo gaan de leerlingen bijvoorbeeld om de twee weken, twee lesuren naar de bovenbouw om daar in de praktijklokalen ervaring op te doen met de vier profielen: BWI, PIE, Z&W en E&O.

In de loop van de leerjaren ligt het accent steeds meer op de vragen: Wat voor een soort werk past er precies bij mij? Wat wil ik later worden? En wat voor een opleiding(en) heb ik hier voor nodig? Door het zoeken naar antwoorden op deze vragen bereidt de leerling zich voor op het vervolg van zijn loopbaan in het mbo en beroepenveld.

Leren keuzes maken is niet eenvoudig. Het LOB helpt de vmbo-leerlingen hierbij. Door met leerlingen heel gericht bezig te zijn met het zoeken naar de vragen die horen bij de loopbaancompetenties van Marinka Kuipers hopen wij dat de leerling zijn juiste route kiest en zo klaar is voor de toekomst: ‘Kijken in kansen’ of op zijn Achterhoeks: KIEK’N IN

[1] Prof. dr. Marinka A.C.T. Kuijpers is sinds 1 april 2012 werkzaam als bijzonder hoogleraar ‘Leeromgeving en Leerloopbanen in het (V)MBO’ aan de Open Universiteit. Zij werkt vanaf maart 2007 als lector ‘Pedagogiek van de beroepsvorming’ aan de Haagse Hogeschool. Bron: http://www.leerloopbanen.nl/hoogleraar-marinka-kuijpers
[2] Bron: M. Kuijpers, 2008, publicatie “Loopbaandialoog: Over leren kiezen (en) leren praten”.